15 april 2014

beet!

krabspin op de loer.... en beet!

Niet alleen de fruitbomen zijn blij met zo veel wilde bijtjes en hommeltjes. Laat maar komen denken ook de krabspinnen. Verscholen in de wilde judaspenning wordt er gewacht op het volgende slachtoffer. Nadat eerder een oranjetipje leeggezogen werd, zijn verse lichaamssappen welkom. Wat later heeft de krabspin beet. Een web spannen, daar houdt deze spin zich niet mee bezig. Hij is meester in camouflage en de verrassingsaanval. Aan de 'zwelling' van zijn achterlijf te zien, smaakt de maaltijd.


14 april 2014

doorwaskervel

Een vliesvleugelige (Bibio spec.?) op de Smyrnium perfoliatum of doorwaskervel

Voor mensen met een wat wildere, natuurlijk ogende tuin kan ik de introductie van doorwaskelver ten zeerste aanraden. Het is zo'n gemakkelijke plant. Jaren geleden kreeg ik van mijn neef een zakje zaad dat hij ergens kocht in een arboretum. Ik strooide het uit in de tuin, zonder bijkomende handelingen, en de doorwaskervel blijft maar terugkomen. Meer dan ooit. 

Als het zaad rijp is, verzamel ik een handje vol, doe een toertje door de tuin, laat hier en daar wat zaadjes vallen en het jaar daarop duiken de nieuwe plantjes op. Het zaad kiemt echt heel succesvol als je er onze winters over heen laat gaan. Geen serre nodig, zelfs water geven is niet nodig. Gemakkelijker kan niet.

Het geelgroene van doorwaskelver licht op in de borders

Doorwaskelver stoort nergens. Zijn bijzondere kleuren, van geel tot groen, ogen sierlijk en brengen licht in de tuin. Vooral aan onze bosrand staat hij beeldig. Je kan het kleurenspectrum goed vergelijken met vrouwenmantel en Euphorbia polychroma. Momenteel (foto) staan al heel wat planten in bloei en dat gaat toch enkele maanden door. Wat ik ook mooi vind aan doorwaskervel zijn de stengelomvattende bladeren. Zelf gebruik ik de doorwaskelver enkel voor zijn sierwaarde, maar ik lees dat hij ook in de keuken dienstig kan zijn. Planten die voor zichzelf zorgen en jaar op jaar de tuinman plezieren, hebben hier een streepje voor.


12 april 2014

animatie verzekerd


De zwartkoppen zijn sinds een dag of tien terug uit het zuiden. De dichte begroeiing en de gelaagde opbouw van onze tuin valt al enkele jaren in de smaak van de zwartkop. Zowel eentje met een zwarte kruin (foto) als met een bruine kruin - een mannetje en een vrouwtje dus -  zie ik overal opduiken. Velen vinden de zang van de zwartkop bijzonder mooi en melodisch. Ik ook. Met een roodborstje, een merel en een zwartkop in je tuin heb je gegarandeerd een van de mooiste koren van 't land in huis. Animatie verzekerd. 

Gisteren, en geheel toevallig, zag ik in onze mispel een zwartkopvuurkever. Ook een mooi beestje:



Babka overleden


Deze nacht overleed babka, de founding mother van mijn Oekraïense schoonfamilie en grootmoeder van mijn vrouw. Babka is 102 geworden. Babka verloor in haar leven naast haar echtgenoot ook 3 van haar 5 kinderen. Uitzonderlijk oud geworden maar ook heel veel meegemaakt.

Ter gelegenheid van haar 100ste verjaardag maakte ik een foto-album van het bijhorend feest. Een mooie herinnering aan deze bijzonder sterke vrouw.


8 april 2014

fotoreeks uit het Arboretum van Wespelaar


Het recent bezoek aan het Arboretum van Wespelaar zal me altijd bijblijven. De grote en wonderschone Magnoliacollectie heeft me met zijn kleurenpracht betoverd. Meer dan 200 foto's zette ik op de geheugenkaart als aandenken. Hoe mooi de foto's ook zijn, in het echt zijn de Magnolia's nog indrukwekkender. Om jullie een idee te geven wat ik er zag, maakte ik een selectie van de foto's, compileerde er een diareeks van en zette deze op YouTube. Hier is de LINK. Voor de beste beleving kies je de full-screen-modus.


Het Wespelaarse arboretum heeft heel wat meer te bieden dan alleen maar Magnolia's. Zo stonden er tijdens mijn bezoek ook prachtige sierkersen, sierappels en vaste planten in bloei. De collectie focust vooral op de genera Magnolia, Acer (esdoorn) en Rhododendron maar ook Quercus (eik), Fagus (beuk), betula (berk) e.a. kan je er vinden.  

Sinds kort ben ik ook begonnen met een bescheiden collectie van Magnolia's en daarom was de uitstap naar Wespelaar voor mij bijzonder interessant: ik zag er mijn jonge boompjes in het groot, leerde bij over de vele kruisingen en de vader-moeder-bomen die hierbij werden gebruikt en ik ontdekte er enkele soorten die ik nog niet kende ondanks hun sierlijk voorkomen. Het arboretum staat ook bekend om zijn vele geelbloeiende Magnolia's waarbij telkens de genen van de Amerikaanse M. acuminata de hoofdrol spelen. De gele 'Daphne', die ik voor mijn veldkapelletje plantte, is een selectie van Wespelaar.


De Magnolia's doen het in Wespelaar uitstekend  - de foto's spreken voor zich - en dat is volgens het Arboretum te danken aan de "zware, zure grond". Verwacht van Magnolia's evenwel geen schitterende herfstkleuren, aparte schorsen of bladvormen. Combineer daarom Magnolia's steeds met andere struiken en bomen die de (soms tegenvallende) bloeiperiode van de Magnolia's opvolgen en later op het jaar ook wat kleur in je tuin brengen. Enkele soorten hebben wel mooie vruchten, van ééntje heb ik een dia opgenomen in het YouTube-filmpje.


Je valt van de ene ontdekking in de andere, hier een voor mij 
volstrekt onbekende plant: de Illicium anisatum


5 april 2014

het wijfje

geen koolwitje maar het wijfje van het oranjetipje
Volgens vlindernet verschijnen de vrouwtjes van het oranjetipje 1 tot 2 weken later dan het mannetje. Hier zag ik het eerste mannetje op 25 maart jl. en vandaag merkte ik een vrouwtje op. Al moet ik toegeven dat ik eerst dacht dat het één van de vele koolwitjes was. Bij nader toezien, waarbij de geelgroene marmering aan de onderkant van de achtervleugels zekerheid bracht, bleek het om een oranjetipje te gaan. De vrouwtjes daarvan hebben helemaal geen oranje in hun vleugels. Ook sinds vandaag aanwezig en dit in grote aantallen zijn de langsprietmotten. De voelsprieten van deze beestjes zijn ongelofelijk lang alsof een klein beestje een lange smalle dennennaald met zich meesleurt.



stankgolf teistert Tessenderlo

prent uit De BELTenaar, het ledentijdschrift van BELT vzw

In Vlaanderen is er momenteel geen ontsnappen aan. Overal waar je komt hangt de geur van drijfmest in de lucht. De ene boer doet het wat beter dan de andere, toch kan men er niet naast rieken dat die excrementen van de intensieve veeteelt duchtig en intussen al weken aan een stuk, het lentefris gevoel naar de kl.... helpen. Hier is dat niet anders, al wekenlang lijkt het alsof de windrichting zodanig draait dat mijn geleeg, slaapkamers inclusief, altijd de volle laag krijgt. Alsof de beren uit de varkensstal om beurt de bedsprei besproeien. Varkensland Vlaanderen, zoals het niet beschreven staat in de toeristische brochures. 

Toch was het voorbije woensdag, 2 april, nog een pak erger dan dat. Ik rook het al in Veerle (gemeente Laakdal) toen ik van het Arboretum in Wespelaar huiswaarts reed. Thuisgekomen hing diezelfde misselijkmakende stank ook in de woning: rotte ajuinen, kattenpis ... zoiets maar dan duidelijk van industriële oorsprong. Looienaars weten dan hoe laat het is. Ofwel de mercaptanen van P.P. ofwel H2S, het giftige waterstofsulfide dat de grondstof voor mercaptanen is. Om 6 uur 's avonds hing de stank nog in ons huis. Geen twijfel mogelijk, Chevron Phillips - vroeger bekend en vooral berucht als Phillips Petroleum - heeft een enorme stankgolf veroorzaakt.

Vroeger haalde zo'n stankgolf ongetwijfeld de kranten. De milieugroep Beter Leefmilieu Tessenderlo liet dit niet passeren. Tegenwoordig heerst gelatenheid, temeer omdat de inwoners proefondervindelijk geleerd hebben dat de overheid multinationale bedrijven toch niets in de weg legt. Ze komen met alles weg. In een normaal en beschaafd land was Chevron Phillips in Tessenderlo al lang verleden tijd maar in Vlaanderen kan het dus dat zo'n bedrijf (en andere Sevesobedrijven!) nog steeds vlakbij het centrum ingeplant is. Behalve stank verspreiden leverde dit bedrijf ook de grondstof voor mosterdgas aan Irak (TDG), werd de exploitatievergunning door de Raad van State vernietigd maar even snel werd het gewestplan op-maat-van herkleurd, werd de uitslag van het heroïsch referendum genegeerd, konden alle inwoners van de Hofstraat ophoepelen en werd hun woning met de grond gelijkgemaakt. Om maar enkele smerige zaken te noemen.

Zelf heb ik dezelfde avond van de stankgolf klacht ingediend bij de milieudienst van Tessenderlo. Dat is het minste wat je kan doen. Niemand hoeft zoiets te pikken. Uit de afwikkeling van mijn klacht heb ik begrepen dat het bedrijf pas na een gelijkaardige klacht of melding op zoek gegaan is naar een "defect" en deze ook vrij snel vond. Zelf had men zogezegd niet in de gaten dat men verscheidene dorpen in de stank aan 't zetten was. Sensoren? Meettoestellen? Allemaal verstopte neuzen daar? Of hoopte men daar dat de mensen het wel op de boeren zou steken? 

Bij milieuklachten... laat van je horen: dit kan zowel bij de milieudienst van Tessenderlo (013661715 of e-mail) als bij de lokale politie. Tussen beide diensten zijn afspraken gemaakt voor de afhandeling van milieuklachten. Zonder klacht is er niets gebeurd! 


2 april 2014

moet je doen


Prunus verucunda "Autumn Glory" met bezoeker
 Niet twijfelen! Als je dezer dagen de kans ziet om op een woensdag of een zondag (van 10 tot 17 uur) af te zakken naar het Arboretum van Wespelaar moet je dat echt een keer doen. Wat een openbaring! De uitmuntende verzameling vroegbloeiende Magnolia's staat er thans massaal te pronken. De zachte winter heeft de bloemen nauwelijks geraakt wat tot een uitzonderlijk weelderige bloei heeft geleid. Ook sierkersen en sierappels zijn er te bewonderen. Zelf was ik naar Wespelaar afgezakt om er de gele Magnolia's te bekijken maar al snel bleek dat ik mijn 'actieradius' moest verbreden en dat ik ogen te kort kwam voor de bijzondere Magnoliacollectie die op initiatief van Philippe de Spoelberg verzameld werd.

 Later over dit bezoek meer (en veel foto's) maar wacht niet te lang want heel wat Magnoliabloemen beginnen af te vallen.... met mooie bloemtapijten tot gevolg. Het arboretum is 20 ha groot waardoor je in alle rust van deze pracht kunt genieten. "Als wandelaar op de Magnoliaweide waan je je in een sprookjeswereld", lees ik op de bezoekersfiche, en dat is geen letter gelogen. Ongelofelijk dat dit arboretum nog zo weinig gekend is. Een juweeltje dat verdient om ontdekt te worden. 

Toegang: 5 euro. De inkom bevindt zich vlakbij de kerk van Wespelaar. Terwijl jij je GPS instelt of je landkaart open plooit, ga ik intussen een selectie maken van de 250 foto's die ik deze voormiddag nam. 



1 april 2014

boomblauwtje, nieuwe poging


We blijven oefenen (lees: ongezien achtervolgen)
Boomblauwtje gezeten in de krulhazelaar


magnificent 7

Omsingeld door zoveel 'bloemengeweld' van krentenboompjes, wilde appels, de dubbele Flip, inheemse vogelkersen, magnolia's en de hoogstam kerselaar dreigen heel wat kleinere planten en jonge struiken wel eens aan de aandacht te ontsnappen. Plantenliefhebbers weten evenwel dat ze niet alleen voor zich uit of naar boven moeten kijken, maar dat er ook beneden van alles gebeurt. Het loont de moeite om ook daar je tijd voor te nemen want bescheidenheid kan in close-up wel eens grote verrassingen opleveren.

Het elfenbloempje, het speenkruid, het muurleeuwenbekje en het muskuskruid bijvoorbeeld, dat zijn stuk voor stuk juweeltjes van planten. En zo zijn er nog zoveel. Ik heb er gisteren lukraak 7 uitgekozen waar heel wat tuinbezoekers zonder omzien aan voorbijlopen. Jammer, maar vreemd is dat niet. Hordes wandelaars heb ik al ontmoet die met grote snelheid door een bos klieven maar niet in de gaten hebben dat er een tapijt van bosanemoon of daslook ligt uitgerold. Met hun gefocuste blik op de eindmeet hebben ze onderweg niets gezien of het moet een dampende hondendrol zijn. Moest men achteraf vragen om eens een lijstje te maken van al het natuurschoon dat men opgemerkt heeft, zouden velen hun schouders ophalen. 31 kilometer! Dat wordt genoteerd.

Herken jij de 7? (antwoord onder de foto's)










(van boven naar onderen: bevruchte sterhyacint, witte dovenetel, Chinese staartaar, Fothergilla major of lampenpoetserstruik, dotterbloem, paardenbloem en muurleeuwenbekje)



31 maart 2014

vuurgoudwesp en boomblauwtje

vuurgoudwesp
De voorbije dagen merk ik dat de vuurgoudwespen weer bijzonder actief zijn. Deze minuscule wespjes - ze zijn amper 1 cm groot - leggen hun eitjes in de nesten van bijen en wespen waar de vuurgoudwespenlarven vervolgens parasiteren op hun larven. Wie een insectenhotel bouwt, legt als het ware een rode loper voor ze uit en krijgt ze gegarandeerd op bezoek. Op de foto zie je een vuurgoudwesp op inspectie op de bovenkant van een kastanjehouten paal welke intussen vol kieren en spleten zit. Zonder zijn prachtige kleuren zou het beestje aan ieders aandacht ontsnappen.

boomblauwtje
Vandaag merkte ik ook meermaals het gefladder van het kleine boomblauwtje op. Het landde vaak op een van onze Rhododendrons. Dit blauwtje heeft niet meteen een 'zittend gat', zoals we hier zeggen, waardoor het fotograferen ervan wat geduld van je vraagt. Dat geldt des te meer als je aan de slag dient te gaan met een compact met beperkt zoombereik. Verscholen tussen de groenblijvende Rhododendron met enkel mijn zwarte compact die voorzichtig richting vlindertje bewoog, kon het boomblauwtje toch ingeblikt worden. Voorlopig moet ik het stellen met de onderkant van de vleugels. In onze tuin staan heel wat waardplanten voor het boomblauwtje zoals hulst, klimop, vlinderstruik, kattenstaart en sporkehout.

Update: zonet stootte ik op een koppeltje dat van jetje aan 't geven was. In de appelboom dan nog.

Neen, deze vliegen dragen geen pothelm. Het zijn hun ogen.




26 maart 2014

oranjetipje fladdert al rond


Het was toch een verrassing dat hier gisteren bij het slenteren door het kleinfruit ineens een oranjetipje opvloog. Het mannetje dat door zijn oranje tippen op de voorvleugels niet te verwarren is met welke inheemse vlinder dan ook, is er dit jaar wel vroeg bij. Deze soort overwintert in onze streken als pop en blijkbaar heeft de warme winter de metamorfose naar imago enkele weken versneld.

Al jaren is hij hier in april en mei vaste klant, wellicht omdat het look-zonder-look en de judaspenning - samen met de pinksterbloem waardplanten voor het oranjetipje - hier gemakkelijk te vinden zijn. Zoals in voorgaande jaren zag ik hem wat later nectar drinken bij de bloemen van een witte Spirea. Daar vertoeft hij heel graag. Deze Spirea moet hem ook een veilig gevoel geven want bij volledig gesloten vleugels (onderste foto) gaat het oranjetipje met zijn gemarmerde onderkant volledig op in de struik. 

de gemarmerde onderkant van het oranjetipje kan model
staan voor de tekening van een camouflagenet


24 maart 2014

de tjiftjaf


Tjiftjaf tussen berkenbloesem

Ik heb hem dan toch te pakken gekregen. Hoog in de bloeiende berken zat hij zijn monotone zang ten berde te geven, mooi opgelicht door de laatste krachtige stralen van de avondzon. Ideaal om mijn 42x zoom er op los te laten om deze kleine zangvogel in te blikken. Met 6 beelden per seconde lukte het snel om hem op de foto te krijgen terwijl hij met geopende snavel zijn lied ten gehore bracht. Het is deze "onomatopoëtische zang" - dixit de vogelgids van Lars Jonsson - die je duidelijk maakt dat je te doen hebt met de tjiftjaf en niet met de fitis. De poten zijn ook wat donkerder en de gele wenkbrauwen ietwat minder uitgesproken. In onze tuin zit hij bijna steeds in de toppen van de bomen tenzij hij aan 't jagen is op insecten. Toch maakt hij net als de fitis zijn nest op de grond. Dit jaar was hij hier op 11 maart terug van zijn reis naar het zuiden (cfr. mijn ingave op waarnemingen.be). 


Van camouflage kent hij alles, zonder zang is hij onvindbaar


22 maart 2014

vogelbezoek

mevrouw en mijnheer de huismus

Een close-upopname van de tjiftjaf die hier begin vorige week neergestreken is, kan ik voorlopig nog niet tonen. Al heb ik daartoe verscheidene pogingen ondernomen. Als hij me ziet naderen vliegt hij telkens een andere boom in en enig leedvermaak is hem ook niet vreemd. Luidkeels begint hij meteen zijn 'tjiftjaf' te kelen alsof hij me plagend wil zeggen 'hela, hier zit ik nu' of  'pak me als je kan'. Och, als hij zich maar amuseert in de tuin. Ik zie hem regelmatig insecten plukken uit de bloesems van mijn gele pruimenboom en als er jongen zijn - al verscheidene jaren broedt hij hier met succes - zit hij uren aan een stuk te jagen in de buurt van de zwemvijver. Daar ga ik hem dit jaar proberen te verschalken met mijn kodak. Een uitdaging, geloof me.

pimpelmees tussen de bloesem van de gele kornoelje

Momenteel lukt het vogels fotograferen nog steeds het beste vanuit de keuken richting voedersilo. Het is daar nog steeds een gezellige drukte. Zolang er voer in de aangekochte zakken zit, blijf ik de koker met 4 eetgaten vullen. De huismussen zijn tegenwoordig de beste klanten. Zij huizen hier in de dikke hulstenhagen en onder de dakpannen. De huismus smost veel eten de grond op en hiervan profiteren dan weer het koppeltje Turkse tortels en de merels die voor het opruimingswerk zorgen. De belangstelling van de mezen is fel verminderd, zo nu en dan zie ik nog een pimpelmees een graantje meepikken om het in de gele kornoeljes smakelijk op te peuzelen. Zoals gewoonlijk nestelt een pimpelmees in het kastje tussen de blauwe regen.

mannetje van groenling

De groenling, één van onze mooiste inheemse vogels, laat zich ook meermaals per dag zien. Zaden zijn zijn lievelingskost en zo'n gratis buffet laat hij dan ook niet links liggen. Ik heb wat medelijden met de groenlingen van de buurt. Er zijn hier in de geburen de afgelopen weken heel wat coniferen (volwassen sparren) afgezaagd waardoor nestgelegenheid en kegelzaden definitief verdwenen zijn. Ook van de goudhaantjes, ons allerkleinste vogeltje,  weet ik dat ze graag in dichte naaldbomen jagen op allerlei 'ongedierte'. Zij zullen er ook wel niet kunnen mee lachen, net als de kuifmezen die graag in dennen- en sparrenkegels keuteren.

boomklever
Op 1 keep na zijn de wintervogels dit jaar volledig weggebleven. Geen sijzen en dus bijna geen kepen. Daardoor dat ik nog bijlange niet door mijn voorraad heen zit. Vorig jaar hebben zij hier wat opgevreten maar ik kreeg in ruil wel heel wat acrobatieën voorgeschoteld. Nog een mooie verschijning aan de voedersilo is een duo boomklevers. Sinds mijn vader (enkel huizen verder) gestopt is met voeren, verschenen ze hier terug op het toneel.  Als ik zacht geklop/getik hoor in de tuin zijn het bijna altijd deze boomklevers die achter de schors van de grove dennen beestjes zoeken. De boomklever is allesbehalve een schuwe vogel. Hij laat, net als het roodborstje, mensen dichtbij naderen. Mits wat gewenning zie ik hem nog uit de hand eten.

Voor de eerste borelingen van onze zangvogels vrees ik het ergste. Kraaien, eksters, Vlaamse gaaien, kauwen en eekhoorns volgen met grote aandacht de nestbouw in onze tuin. Zij weten al wat er binnenkort op de menukaart staat.


21 maart 2014

orgie met vliezen

"Een vijftal koppeltjes", tot de nacht van 19 maart op 20 maart. Wat er toen gebeurde is me een raadsel maar de dag daarop zaten er plots 50, misschien 60 bruine kikkers en enkele padden in onze zwemvijver. Een nachtelijke invasie, allemaal tegelijk. Het moet zijn dat ons water in één of andere toeristische kikkerbrochure werd opgenomen want hoe weten al die amfibieën ineens dat er hier een geschikte paarplek is. Doordat de zon gisteren de ganse dag scheen kon ik alle bewegingen onder water prima volgen. Wat ik zag heb ik de vorige halve eeuw nooit eerder gezien. Leerrijk, spannend met de ene ei-afzetting na de andere.




Het gekke was (vandaag gaat het zelfde tafereel door, de afterparty zeg maar) dat alle paartjes de eitjes in één specifieke waterleliemand afzetten. Er staan 5 zulke manden in de zwemvijver en toch was blijkbaar 1 daarvan uitverkoren. Bij momenten lagen er meer dan 10 eierklompen in deze mand (middenste foto). Wat me ook fascineert in deze gebeurtenis is dat de 'bevalling' zo gelijktijdig verloopt. De biologische klok van deze grote groep bruine kikkers loopt bijna perfect synchroon. Prachtig om zien was dat bij momenten die kikkers een echt kluwen vormden, een wriemelende brij gladde lichamen alsof ze zichzelf in knopen hadden gewrongen. Wat de voorste poten en wat de achterste waren, was niet meer te achterhalen.

Deze morgen zag ik dat er nog een tiental koppeltjes met een dik wijfje onderaan in en rond deze vijvermand vertoeft. Een pad was bezig met een eisnoer af te zetten, de 'paternoster' hing nog in het lichaam van madam pad. De goudwindes vreten zo te zien de eitjes niet op. Van paddeneitjes weet ik dat ze dat niet lusten maar kikkereitjes?


Als deze week voorbij is zullen er zo'n 60 kikkerdrillen in de zwemvijver zweven. De hieruit voortkomende larven en kikkervisjes zullen zich nestelen in de draadalgen (het groen op de foto) en hier ook van eten. Het zijn ook deze algen die de kikkerparen precies naar deze vijver lokken. In de 2 andere - algenloze -poelen in onze tuin is geen enkele eierklomp afgezet. Ze moeten dat rieken, denk ik.

Bruine kikkers zijn honkvast. Ze keren steeds terug naar hetzelfde voortplantingswater. Ik ga me niet aan een berekening wagen maar als deze karrenvracht kikkers en een deel van hun nakomelingen komende jaren blijft terugkeren en dit in toenemende getale, gaat er een moment zijn dat het 'kot te klein wordt'. Dat zijn zorgen voor later. Jammer blijft wel dat de salamanders wegblijven.

het paddenkoppeltje en de reflectie van bovenwaterfotografie :)